S03·007Front-end development met Ringo Blanken en Sander Schutten
Met Ringo en Sander hebben we het over front-end development
Met Ringo en Sander hebben we het over front-end development
- ▸Wat open source projecten inhouden voor leren
- ▸Hoe je front-end components in isolatie ontwikkelt
- ▸Waarom testen vanaf het begin essentieel is
- ▸Hoe Storybook je development process versnelt
- ▸Wat BUN.js betekent voor front-end performance
Transcript
Welkom bij een nieuwe aflevering van de CodeKlets podcast. De hosts van vandaag zijn Kishen en
ik. Airhorn hebben we niet. Nee, nog steeds niet. Jammer hè. Na al die jaren. Is wel
weer leuk met z'n tweeën. Ja. Nee, eigenlijk niet. Met z'n vierën. Ja, inderdaad. We zijn
met z'n vierën. Daar zitten ze. Ik heb er weer zin in. Het is lang geleden dat
we de vorige hebben opgenomen. Ja, het lijkt me wel leuk. En het onderwerp voor vandaag
is ook een heel leuk onderwerp. Vind ik. Misschien andere niet, maar heb je mooi pech.
Skip. En het gaat over front-end development. Dat is wel tof. Ja, zeker. En dat heb jij
mooi geregeld. Ja, ik heb. Ja, dat was al denk een weekje of twee geleden. Toen
zei hij van hee, wat een interessante podcast heb jij. En toen dacht ik hee, een luisteraar.
Ze bestaan. Het is beter dan wat je had gezegd. Welke podcast? Hey, dat is leuk. Ringo zullen
we straks even voorstellen. Maar ja, die ja, die liep dus langs. Ik denk nou begonnen
het. Het deed dan natuurlijk te bespreken over. Waar heb je nou geluisterd dan? Welke
aflevering dan? Maar ja, en uiteindelijk dachten we van hee, misschien is toch
wel eens leuk om weer een keer een front-end development aflevering te doen.
Want we hebben het alweer een tijdje geleden. Ja, we hebben wel vaker. Niet specifiek het
niet het onderwerp front-end, maar we hebben het over. We hebben een keer over Engelen
gehad. React ook. React hebben we gehad. En Next.js. Ja, zou kunnen. Ook ja, de
lead developer die was dat toen geweest. Ja, dus we dachten van nou, we zijn toch
opnames aan het doen. Dus om dan weer even een beetje weer leven in te blazen.
We dachten van nou, dan maken we gelijk even gebruik van deze kans. En heel erg blij
dat Ringo en Sander natuurlijk, die zullen we straks voorstellen, dat ze mee willen
doen aan deze podcast. En zo is deze aflevering ontstaan vanuit front-end development.
Ja, dat is ook wel logisch om te beginnen bij de front. En. Maar begrijp je nou eigenlijk
goed dat Ringo zichzelf heeft uitgenodigd? Is dat nou eigenlijk? Dat is het eigenlijk.
Ik dacht dat het andersom was, maar oké.
Oh, kijk, kijk, zie je?
Kijk, nu wordt het, ja, het wordt wat heet hier.
Ja, precies, het wordt warm hier hoor.
Nee, maar ja, dus ja, heel erg blij dat we nu weer een nieuwe aflevering weer
kunnen opnemen. Ja, hier onze gasten voor vandaag, Ringo Blanken en Sander Schutten.
Ja, welkom.
Leuk om hier te zijn.
Zeg het.
Nou ja, we hebben altijd een standaardvraag voor al onze gasten om zichzelf te introduceren,
zeg maar. Ja, hoe is het nou begonnen als programmeur?
Waarom kwam het ineens vandaan en dat je nu ineens eindigde als een software engineer?
Dus het leek ons wel leuk om jullie op die manier dan weer voor te stellen.
Zullen we bij Ringo eens beginnen?
Hoe heeft het zo mis kunnen gaan? Ringo, vertel.
Ja, ik was een jaar of tien en het was eigenlijk het begin van de computers.
En je had een Atari ST, mijn moeder had die van mij gekocht.
Dat is wel een aankoop, een Atari ST.
Dat was zeker een hele aankoop en klopt, ja.
Mijn ouders waren nog niet echt heel erg rijk, dus ik weet ook niet precies hoe wat.
Maar ze wisten eigenlijk al dat ik, ik was geloof ik een jaartje of twee, drie,
dat ik voor de tv zat en ik vond alles op dat gebied, zeg maar, heel erg interessant.
Dus ik denk dat ze heel lang heeft gespaard.
Ging die dag zelfs vragen inderdaad.
Maar daar is het al eigenlijk begonnen.
En begon natuurlijk met spelletjes spelen.
Alleen ik kon er ook op een gegeven moment heel achter dat ik ook zelf iets kon,
daarmee kon doen. Maar ja, je had natuurlijk niet nul informatie.
Zoals nu heb je natuurlijk heel veel informatie op internet staan.
Kan je alles uitzoeken en zo, maar er was eigenlijk helemaal niks.
Dus uiteindelijk een soort van, ik denk, ja, een soort van control c-achtig idee.
En ik kwam in één keer bezig terecht en, nou, wat gaan we proberen?
En op de ene manier, en ik weet ook zelf niet meer helemaal precies hoe,
kwam mijn moeder op een gegeven moment naar me toe.
En toen was ik dus bezig om een spelletje, een ski-spelletje te maken op die computer.
En daar is eigenlijk de liefde ontstaan voor het programmeren.
En, nou goed, later, een heleboel jaartjes later stond ik op de keuze
om een bepaalde studie te gaan doen.
Dat was elektrotechniek.
Alleen, ja, ik vond het wel leuk, maar ik wilde eigenlijk al altijd iets met de computer doen.
Op een gegeven moment belde een leraar op, die zei van joh, je zal het niet geloven.
Maar het eerste jaar gaat beginnen van technische informatica opleiding.
Zou je dat leuk vinden?
Dus dat was voor mij echt iets van wow, oké, dat is echt geweldig.
Dus ik zei ja, tuurlijk, dat wil ik heel graag doen.
Dus ik ben daar eigenlijk mee begonnen en het heette dan technische informatica.
Maar ja, uiteindelijk was het meer informatica dan dat technische gedeelte, zeg maar.
Dus je leerde daar echt programmeren.
Pascal Basic, een hele grote Unix-achtermachine had je staan.
Bij wijze spreek ik een Kamergrote, zoals het was, zeg maar.
En zo is dat eigenlijk begonnen.
Dus ja, ik heb echt heel veel massen gehad met die studie destijds.
En ja, dat is eigenlijk het begin geweest voor mij.
Ja, dat is wel een vaker gehoord start.
Dus dat je een game maakt en dat je op die manier...
Ja.
En ik hoorde jullie net iets zeggen over ST.
Dat zegt mij nou echt helemaal niks.
Waar staat die ST op?
Het was eigenlijk de Atari XL800 aan mij.
Ja, precies.
ST die kwam later volgens mij.
Daarom.
800 XL, dat was een van de...
Ja, echt.
Ik denk dat die in 82 of zo is uitgekomen.
Je had zelfs de 400 XL.
Die heb je ook nog gehad.
Die is het kleinere voertje.
600 had je volgens mij.
De 800 was vergelijkbaar met de Commodore 64.
De 800 was 64 kb.
Dat was wel heel wat.
Tegang van de Commodore 64.
Oh, dat is een mooi bruggetje.
Dit is een heel mooi bruggetje.
Want dan kan ik wat zeggen.
Ik ben namelijk ooit begonnen op de Commodore 64.
Ja, en dat was...
Ik ging altijd magazines kopen in de computer of in de winkel.
In de magazine winkel.
En die kon je dan helemaal overtikken.
Allemaal hexadecimale codes.
Pagina's vol.
En dan kwam er uiteindelijk een spelletje uit.
Dat is een van mijn begin dingen geweest.
En spelletjes verzamelen.
Ik had echt bak vol met allemaal van die floppy disks.
Nou ja, hartstikke leuk.
Maar ja, uiteindelijk gaat de tijd vooruit.
En dan schuif je steeds verder naar nieuwe computers.
Wij hadden een computer omdat mijn vader had zijn eigen bedrijfje.
Die deed heel veel textverwerking.
En daar heb ik dus al een beetje mee op kunnen liften.
Technische informatica heb ik ook nog gedaan.
En NBO.
En ik heb nog een HBO informatiekunde en informatica gedaan.
Ja, altijd wel eigenlijk gewoon.
Voor mij was het altijd een hele natuurlijke keuze eigenlijk.
Ik vond het altijd heel interessant.
Ik kon ook gaan oneindigen hoeveel tijd erin steken in de computers.
Nou ja, en dan uiteindelijk roll je zo door.
Wordt het je werk.
En ja, dan zit je uiteindelijk hier zo in een opzolder ergens een podcast te houden over dit zinje.
Het regent de gasten in en dan eruit.
Nou, dankjewel voor degene die denken wie is deze stem nou?
Sander Schutte.
Sorry, dat was ik, Sander Schutte.
Dankjewel.
Ja, ik ben heel aan het schatten.
Zijn er dan in het werk wat je nu vandaag doet, zie je daar overeenkomsten?
Overheenkomstigheden met de beginjaar dat je programmeerde.
En dan is het dus front-end development.
Want kijk, een kenmerk zeg maar van waar je het over had op de Atari 800XL en de Conde 64 is dat je, ja, wat je programmeerde,
zag je, het was visueel heel snel.
Je kreeg die feedback heel snel terug.
Zien jullie daar, heeft dat verwantheden of zie je daar, of is dat gewoon totale kul?
Ja en nee.
Wat ik zelf nu bemerk, en ik ben wel wat verder in mijn carrière en ik wil programmeren, is voorheen was het altijd dat ik een soort van dingetjes maakte
en dan ging ik het meteen op het scherm doen.
Dus dan deed ik er weer een regeltje bij en dan, oké, zit er een regeltje bij.
En zo groeide het een soort van organisch, groeide eigenlijk mijn code.
En wat ik nu eigenlijk de laatste tijd bemerk, is dat juist dat allemaal dat organische,
dat probeer je eigenlijk zoveel mogelijk als laatste te doen,
maar daarvoor zorg je dat je duidelijk hebt wat je nou eigenlijk moet doen,
dat de prioriteit, de volgorde,
eigenlijk meer allemaal een soort de voorbereidingen, dat dat zo belangrijk is.
En op het moment dat je al die voorbereidingen hebt gedaan,
dan is het meestal, het laatste stukje is allemaal wel duidelijk.
Daar zie ik echt wel een verschil in ten opzichte van hoe ik het vroeger deed.
Het was hartstikke leuk natuurlijk om een beetje organisch dingen te laten groeien,
maar in mijn werk zie ik daar toch dat ik eigenlijk net veel meer tijd stop in de voorbereidingen.
Ja, ontwerp misschien bedoel je?
Ja, nou ja, kijken van wat moet er nou eigenlijk gedaan worden,
wat zijn nou eigenlijk de varianten bijvoorbeeld van iets,
waar moet ik wel rekening mee houden, waar moet ik niet rekening mee houden,
allemaal dat soort dingen, in plaats van dat je dat achteraf iets maakt,
en dan hoor je daarna van ja, het moet ook op dit moeten werken,
of we hadden ook dit moeten doen.
En dan kan je dat allemaal weer achteraf inbouwen,
maar ik zie daar eigenlijk dat ik zelf nu heel erg ook de neiging heb
om gewoon veel meer eigenlijk vooraf te vragen in plaats van dat ik maar begin en kijk,
ja, en daarna een beetje gaan zitten bij schaven en bij werken.
Dat is iets wat, volgens mij heeft het wel iets met ervaring te maken, hoop ik, denk ik.
Oké. Ja.
En geldt dat voor jou over het inzelf, zie je dat?
Ja, als ik kijk zeg maar in het hele begin in ieder geval van het internet,
daar praat je echt over, in 94, 95 of zo, begonnen met websites maken,
dan had je natuurlijk HTML en CSS, en dat was front-end.
Dat was het.
Meer was er niet.
Ja, JavaScript.
Ja, één of twee regels JavaScript om een buttontje of zo, zeg maar, te doen.
En later...
Ja, zou je dat een keer onderbreken, want volgens mij werd er nog niet eens front-end development genoemd,
zeg maar, toen nog HTML, CSS...
Nee, je ging een website maken, zeg maar.
Ja, precies, die designen of, ik weet niet hoe ze dat noemen, de HTML'en.
Klopt.
En op een gegeven moment kwam Flash om de hoek, zeg maar,
en die gebruikte dan wat JavaScript om die Flashplay'en, zeg maar, te runnen.
Ja, en daar kon je echt gigantisch mooie dingen met een soort van interactieve websites maken, zeg maar.
Dus dat was weer een next level met Flash.
Dan had je programmetaal, actionscript.
Nou ja, er waren ook, zeg maar, designers die het ook geweldig vonden op het programma,
want je kon animaties inmaken en je kon eigenlijk ook zonder code,
kon je, ja, bijna alles aan elkaar knopen om een soort interactieve website te maken.
En als je het dan, zeg maar, na deze tijden haalt,
ja, wat stelt Hati Mellon C6 nog voor, zeg maar, in het geheel, zeg maar.
Het is natuurlijk een heel belangrijk ding, omdat het visueel, zeg maar, een gedeelte is.
Als je je front-end hebt, nou ja, dat is visueel.
Maar als je kijkt ook naar frameworks die je moet gebruiken, testen,
er komen zoveel accessibility, er komen zoveel facetten bij eigenlijk.
Het is zo gegroeid.
En ja, als je alleen al een project uitcheckt en je gaat hem installeren,
als je kijkt hoeveel packages er bijvoorbeeld worden geïnstalleerd,
dat zijn echt duizenden packages.
Dat heb je allemaal nodig om uiteindelijk, zeg maar,
die Hati Mellon C6 eruit te krijgen, zeg maar.
Het is eigenlijk heel bizar.
Maar het lijkt wel alsof we het ons zelf heel erg moeilijk hebben gemaakt of zo.
Dat gevoel heb ik een beetje, ja.
Ja, dat is wel interessant.
Misschien kunnen we later op terugkomen.
Dat is ook wel een leuk haakje.
Oké. Ja, ja, ja.
Ja, voor mijzelf, ik vind, dat vind ik aan front-end.
Even kijken.
Ik ben normaal gesproken dus gewoon een full-stack developer.
Dus je doet eigenlijk alles.
En dan zegt iedereen, je kunt alles niet goed.
Best, vind ik ook, vind ik ook oké.
Heerlijk.
Dus als je meer back-end development doet,
dan is er niet zoveel visueel, zeg maar.
Ja, goed, misschien komt het JSON uit of een XML of whatever.
Maar dat is wat minder interactief dan als je je Hati Mellon C6 in een browser hebt.
Dus die feedback loop, zeg maar, die duurt wat langer,
maar dan dat je dus direct gewoon HTML C6 in een browser hebt.
Je savet en je ziet meteen het resultaat.
En dat vind ik best wel vergelijkbaar met hoe ik vroeger programmeerde op,
wat had ik, een MSX.
Dat was ook al komende 64.
Ja, je programmeerde iets en je zag meteen iets op je beeld.
En dat is ook waardoor je, zeg maar, verliefd bent geworden op dat programmeren.
Kijk, als ik tegenbij Kindle zou zeggen, hey, bouw even een JSON API aan.
Maak een JSON API.
Ja, dat boren ze denk ik niet zo heel gelukkig van.
Je ziet wat JSON en laat ze aan hun vriendjes zien.
Kijk, ik heb een stukje JSON aan.
Dat is niet heel tof.
Ik moet ineens aan die JavaScript meme denken.
Die zal ik even in de tips delen.
Dan zie je inderdaad een demo van een front-end developer.
En dan zie je de hele club, inclusief developers en product owners, iedereen.
Super enthousiast reageren.
Tof, kijk, met één regel heb ik zoveel.
En dan komt die backender.
Dan hoor je alleen maar...
Ja, dat.
En die gozer heel enthousiast vertellen.
Kijk, wat ik heb gebouwd.
Rest API.
Kijk, die JSON is helemaal simpel.
Misschien is Saber wel een uitzondering.
Maar ik denk dat de front-ends wat meer introvert zijn.
Backends wat iets extraverter.
Misschien ben jij een uitzondering in.
Ja, dat kan.
Ik ben sowieso meestal een uitzondering.
Maar dat merk ik wel.
Misschien omdat je dus volgestek bent heb je ook een stukje vond.
Misschien is dat even daarmee te maken.
Maar dat is een beetje hoe ik vaak mensen...
Ja, dat zou best kunnen.
Ja, kan.
Maar dat is misschien wel voor laat.
Wat ik altijd wel grappig vind is, als er wordt gesproken over front-end en back-end.
Dat daar ook allemaal verschillende interpretaties in zitten.
Want mijn interpretatie is dat front-end...
Ja, dat heeft ergens met Javascript en de klant de ervaring te maken.
Maar wat je dus ziet is dat bijvoorbeeld een website...
Dat dat dan weer, hun CMS bijvoorbeeld, dat dat weer als een back-end wordt gezien.
Maar als daar achter weer een of ander back-office-systeem zit...
Dan heb je daar eigenlijk web-apis vaak weer omheen.
Dat dan ook weer wordt gesproken als front-end.
En een back-office-systeem wat dieper zit en weer een back-end is.
Er zit best wel wat, merk ik, soms spraakverwarring in.
In wat is nou eigenlijk echt front-end.
Ja, dus je bedoelt eigenlijk meer vanuit the point of view.
Het is toch vaak een black box wat we dan naar zitten te kijken.
Maar wie weet wat er allemaal achter gebeurt.
Dat is wat je bedoelt.
Ja, nou ja, het is als je net één niveau dieper zit...
Dan heb je bijvoorbeeld een web-apis dat ze dat dan weer als front-end noemen.
Want dat is dan eigenlijk dan het aanspreekpunt.
En daar zit er weer een of ander dieper database-systeem.
En dat is dan weer back-end.
Ja, dat is altijd wel grappig.
Ik moet ook ineens denken aan...
Ik was een keer in gesprek met een front-end developer en die zei van...
Ja, dit waar je het nu over hebt, dit is de back-end van de front-end.
Je zei dat op een gegeven moment.
Ja, klopt.
Oh, wow, wow.
Ja, dat klopt.
Maar die term wordt zo gebruikt nu, tegenwoordig.
Want dan, ja, je hebt dus de back-end van de front-end.
Voor de front-end.
En die ontsluit dan weer allerlei APIs die je daarachter weer...
Weet je wat ik toen dacht?
Ik dacht, hou je back-end.
Oké.
Ja, precies.
Die wist het ook.
Ja, ja, ja.
En toen werd je...
Ik stond erop te wachten dat die mogen gebruiken.
Toen werd je naar de deur begeleid.
Ja, precies.
Toen had ik geen carrière meer.
Nee, maar die definitie is wel lastig, hoor.
Daar heb je helemaal gelijk in.
Want ik denk dat dat ook met de jaren best wel veranderd is.
Misschien is dat ook...
Want goed, één van de vragen is van, wat is nu front-end development?
Ja.
En ik denk dat dat zeker veranderd is.
Want voorheen had je gewoon HTML, CSS...
In de eerste instantie had je niet CSS, maar je HTML werd gewoon statisch geserveerd.
Je ging met je browser naar een URL toe.
En je kreeg gewoon HTML naar je toe met wat plaatjes.
Dat was het.
En op een gegeven moment kwamen er meer interactie in.
Maar die interactie werd altijd wel voor jou uitgekoud, in eerste instantie, op de server.
Dus je vulde wat in.
Je ging naar de server toe.
De server maakte iets nieuws voor je en die kreeg het terug.
En dat was de interactie in eerste instantie.
Maar later, omdat het wat rijker moest en luxer in je browser, die experience...
Daar kwam JavaScript natuurlijk weer...
Ja, misschien ook wel back-end of PHP, of zou dat je daarmee serveerde vaak?
Dat klopt.
Ja, dat ben ik ook inderdaad opgevoed.
En het verhaal wat ik er een beetje uithaal van de laatste tijd is dat ook...
Je wil ook zo min mogelijk de server belasten.
Dat is ook wel wat ik vaak hoor.
Dus dat front-end zo.
Dus je wil eigenlijk de back-end heel...
Ja, die discussie gaat er nu heen en weer heel erg.
Sommigen zeggen van ja, je moet het helemaal op de server doen.
Want op die mobile phones is het wat makkelijker, zeg maar.
De anderen zeggen ja, nee, maar dan moeten onze servers in de cloud zijn weer duurder.
Want die moeten meer processing doen, dus doen meer in je browser.
Maar dat kan ook met security te maken hebben.
Van ik wil meer dingen juist op mijn server.
Dat is wel een grappige die je nu noemt.
Ik heb samen gewerkt met Ringo.
En Ringo die noemde op een gegeven moment webcomponents.
En daar heb je ook dan weer...
Toen die dat begonnen uit te leggen.
Toen ook zoiets van ja, maar we doen het toch allemaal in JavaScript.
En dan zitten we op dat niveau.
En dan heb je weer webcomponents.
Zit je daar weer eigenlijk gedeeltes te programmeren.
Waarvan ik denk dat op eigenlijk server-site moet werken.
Het is volgens mij ook wel eens iets wat een soort cyclisch is.
Wat elke keer weer, dan weer front-end.
Maar wat je denk ik nu ook wel ziet is dat je wilt eigenlijk...
Zeker op een mobiel zeg maar.
Maar ook op desktop wil je eigenlijk dat die website zo snel mogelijk iets teruggeeft zeg maar.
En als je kijkt naar de meeste frameworks.
Die gaan best wel wat over de lijn.
Voordat je überhaupt een paar in kan tonen.
En op moment dat je dat dus naar de server-site trekt.
Kan je dat dus versnellen.
Alhoewel je daar ook wel weer wat problemen hebt zeg maar.
Maar uiteindelijk zeg maar kan je dat dan denk ik naar verleggen.
Alleen kak kosten denk ik.
Ja dat is weer een ander verhaal.
En ook qua development kan je afvragen of het heel handig is.
Maar ja je ziet er toch wel een verschuiving in ontstaan.
En het ligt ook een beetje aan wat voor product je hebt denk ik.
Ik bedoel als je het naar een particulier ofzo moet doen.
Dan wil je het misschien zo snel mogelijk.
Maar als het naar business is.
Ja je zit dan zo erg als die twee seconden moet wachten.
Voordat die respons krijgt.
De eerste keer.
Ja.
En als het dan eenmaal een cash is.
Dat er daar helemaal geen last van heeft.
Ja dat is dan.
Kosten, afweging en development afweging enzo.
Nou dat is wel een goede ja.
Want die business to business.
Of het is een business-klant of bezoeker.
Ja.
Die heeft andere eisen.
Want die discussie had ik misschien een paar weken geleden met iemand anders ook.
Van ja.
Een business gebruiker die kan niet anders.
Die moet gewoon naar je site.
Terwijl een consumer die zeggen.
Ja tenminste dat wordt in Amerika.
Als je twee seconden wacht gaat die naar de concurrent.
Terwijl ik denk ja ik moet gewoon dat product hebben voor die prijs.
Dus ik wacht soms wat langer.
Maar daar is die wachttijd wel belangrijker zeg maar.
Dan in business to business misschien.
Dus dat is wel een goed punt.
Maar het wordt ook wel de code die in je brouw.
Om het even zo scherp te zetten misschien.
De code die in je brouw draait is die is ook complexer geworden.
Oh ja.
Dan dat het was zeg maar.
Dus als je zeg maar die knippoort meest voorheen.
Ik als dotnet developer en full stacker werd front-end echt.
Gedefineerd als alles wat in je browser dan draaide.
Dus HTML, CSS, JavaScript, React, Angular.
Noem het maar op.
Wat allemaal in die browser draaide.
Dat was front-end.
Alleen ik weet niet of dat en dat heb ik niet per scherm.
Maar ik merk gewoon dat er nu de laatste tijd dat er steeds meer.
Ook server-side zeg maar.
Met Node.js zeg maar.
Aan de server-kant geprocessed wordt.
En dat wordt dan ook zeg maar nog front-end genoemd.
Dus die library of die framework zeg maar.
Die doet ook iets op de server.
Next.js doet dat bijvoorbeeld.
Dus dan is het al wat vager om die front-end te definiëren.
Want daar wordt zeg maar ook een deel.
Je hebt dan van die hybride oplossingen.
Een deel wordt in de browser gedaan.
Een deel wordt door de server gegeneerde.
En dat komt dan samen elkaar.
Dus die definitie wordt gewoon steeds lastiger.
En dat vind ik wel.
Het is misschien niet moeilijk.
Maar als je niet er zelf in zit dan weet je soms niet meer.
Voor mij is dat ook nog steeds front-end zeg maar.
Dat gedeelte.
Ja ja precies.
Dat begrijp ik wel.
Ondanks dat het op de server gebeurt.
Maar ja dat klinkt natuurlijk wel heel raar.
Een beetje wat Sander net aangaf met front-end, back-end.
Ja want net als bijvoorbeeld in React heb je nu.
Misschien weet je dat.
Heb je server components.
Of zo.
Niet server components.
Ja er had thuis wel server components.
Delen die gewoon op de server draaien.
En dat is echt.
Dat moet gewoon aan de server kan draaien.
Dat kan niet in je browser.
Ik bedoel dat heb je gewoon.
Dus dat is al.
En dat wordt nog steeds als front-end gedefineerd.
En daarachter heb je dan wel weer andere back-end systeem.
Om denk ik veel gegevens op te halen of whatever.
Ja ik denk zodra het een beetje een visueel aspect heeft zeg maar.
Dat je dan kan spreken van front-end.
Dat er iets visueels uitkomt zeg maar.
En of het nou op de server leeft of in de browser.
Uiteindelijk het visuele gedeelte.
Ik denk dat dat de definitie dan is van front-end.
Dat is wel een goede denk ik wel ja.
Ik denk dat als er een visueel eigenschap aan zit dan ja.
Ja oké dan zijn we klaar.
Ja op tijd.
Oké bedankt voor het lijken.
Wat vinden jullie nou echt gewoon echt leuk zeg maar aan front-end?
Waarom is dat leuker dan dat je weet ik veel embedded development zou doen?
Waarom niet iets anders?
Ja voor mij heb ik ruim 10 jaar, 12 jaar bijna gedaan.
Interactieve websites maken.
Dat vond ik echt geweldig.
Omdat je het visuele, de interactie zeg maar met de bezoekers die uiteindelijk zeg maar daar plaatsvindt.
De uitdagingen.
Ja ik vond zeg maar de interactieve websites maken echt geweldig.
Ik heb heel veel in 3D gedaan.
Ook een beetje in de begin tijd zeg maar van die 3D.
Toen was het nog zo dat je de 3D gedeelte kun je alleen maar op de CPU doen.
Niet op de GPU.
En ik had een project van Coca Cola was dat.
Die wilde graag dat Artic zeg maar met de polarbeers, met de ijsberen zeg maar.
Daar wilde ze iets interactiefs mee maken.
Dat mensen daar betrokken bij werden.
En Coca Cola die sponsor door dat zeg maar ook de marketing et cetera.
Dus die had mij gevraagd om een 3D omgeving te maken.
Waarin ook ijsberen dan rondwippen.
En ze hadden dus die ijsberen van die trackers gegeven.
En die data kreeg ik als GPS binnen.
En ze zeiden ja we willen ook graag dat het ook echt lijkt zeg maar.
Dus moet je je voorstellen het is alleen maar op de CPU.
Niet op de GPU.
En dat moest ook echt lijken met trackers en dat soort dingetjes.
Er was gewoon niet veel informatie.
Als je nu kijkt op internet, je kan zoveel informatie vinden zeg maar.
Ook zeker op 3D gebieden en dergelijke.
Er was heel weinig informatie.
En dat maakte voor mij echt een gigantische uitdaging om dat te maken zeg maar.
Dat vond ik echt geweldig zeg maar.
Dus die uitdaging, ik denk dat dat een beetje is uiteindelijk.
Die uitdagingen opzoeken.
Niet de geeikte dingen die je al een keer hebt gedaan zeg maar.
Dat is altijd weer vernieuwend.
Voor mij maakt dat in ieder geval front-end development.
En voor jou Sander?
Ik zit even na te denken.
Vind ik het eigenlijk wel leuk.
Ik denk dat ik het uiteindelijk...


